![]() |
![]() |
||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
EREDOCTORAAT Ku Leuven 2000 In de academische wereld heerst er de gewoonte om eredoctoraten toe te kennen aan personen die een welgeplande en systematisch opgebouwde loopbaan hebben ontwikkeld, en hierbij een uitmuntende rol hebben gespeeld in de wetenschap of de politiek. In de persoon van Jeanne Devos, echter, eren we iemand die zich juist heeft vrij gemaakt van een planmatig opgebouwd bestaan om aandacht te hebben voor de noden van anderen, en om in verschillende omstandigheden op deze noden te kunnen inspelen Op 2 februari 2000 ontving zuster Jeanne Devos het eredoctoraat van de K.U.Leuven als erkenning voor haar strijd tegen de uitbuiting en mishandeling van kinderen in India. |
|||||||||||
|
|
||||||||||
uit Veto
Devos: «Als we echt mensen willen vooruit helpen, kan dat niet alleen met geld. De kennis van Prof. Adriaensens rond misbruikte kinderen en bescherming is heel belangrijk. De wetenschap die de K.U.Leuven opgebouwd heeft, mag niet binnen de muren van Gasthuisberg en het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling blijven, maar moet open getrokken worden. Zijn expertise is ook toepasbaar in India, alleen gaat het daar niet om groepen van drie, maar van 700 kinderen.» Veto: Uw centrum in India heeft van het Vertrouwenscentrum ook de Golem gekregen, een gigantisch beeld van de kunstenaar Koen Van Mechelen. Welke waarde heeft dat beeld? Devos: «Daar heb ik veel van geleerd, het heeft me een nieuw inzicht gegeven. In het begin dacht ik: ‘Wat hebben onze kinderen, die in uiterste armoede leven, daaraan?’ Maar kinderen leven niet alleen van brood. Ze moeten kunnen fantaseren, dromen. Ze hebben zelf aan de Golem kunnen meewerken en kregen inspraak. Vanaf toen zijn we meer met kunst en wetenschap beginnen werken, en dat is een enorme bijdrage van de K.U.Leuven.»Veto: U stond mee aan de wieg van de studentenbeweging in India. Van waar komt dat engagement? Devos: «In Leuven ging ik altijd de straat op, zoals bij de acties voor de Hongaarse studenten (Hongaarse revolutie in 1956, nvdr). Mijn ouders klaagden dat ze onze studies wel betaalden, maar dat we er niets mee deden, dat we ‘van ‘t een naar ‘t ander’ liepen, (lacht). Maar diegenen die in de bewegingen zaten, passeerden ook hun examens beter.» «In India heb ik me laten bekeren door de bevrijdingstheologie uit Latijns-Amerika. Dat is een levenshouding van verantwoordelijkheid, meeleven met anderen en actie ondernemen voor verandering. Ik begon me daarom meer en meer in te zetten voor de studentenbeweging. Die was niet alleen christelijk. Iedereen die geëngageerd was, mocht toetreden. Ze grapten toen: ‘Als Jeanne Devos daar is, begint de revolutie’. Maar dat is niet waar, als je daar bent komt dat gewoon vanuit het besef ‘Dat kan toch niet?’» |
Veto: Hoe is die studentenbeweging dan verder geëvolueerd? Devos: «We ondernamen acties met studenten vanuit ons open huis, een oude bibliotheek. Daar kon iedereen blijven slapen op matjes, en werd er nachtenlang gediscussieerd over het evangelie, het marxisme en Das Kapital. Een groep afgestudeerde studenten groeiden uit tot advocaten voor mensenrechten, anderen gingen zich inzetten in landbouwdorpen en mijnen. Het begon vooral in 1971, toen een cycloon, zo erg als de tsunami, de regio teisterde. De lijken hingen nog in de bomen, toen we met 30 studenten gingen helpen.» «Een deel is er toen gebleven. Vrouwen gingen vroedvrouwen uitleggen hoe ze de navelstreng op een gezonde manier moesten doorknippen. Die werd toen immers nog doorgehakt met een scherpe steen. De mannen werden eerder gemobiliseerd door de landbouw. Zeven jaar geleden hebben ze een project opgericht voor landbouwdorpen. Als een gemeenschap een comité oprichtte waaraan alle kasten konden deelnemen, kregen ze een watertank. Dan volgde er hulp voor landbouw en woningbouw.» «In twee dorpen lukte het effectief om de bevolking binnen naar het toilet te laten gaan, wat absoluut niet vanzelfsprekend is in landelijk India. De malaria daalde er met 80%. Door de ontsmetting vielen er geen jonge slachtoffers meer door malaria. Die twee dorpen kregen een voorbeeldfunctie en het project werd in 400 dorpen ingevoerd. Het kreeg de Harvard prijs voor beste ontwikkelingsproject en groeide uit tot hét hoopgevende project in heel Azië.» Kerk en pluralisme Veto: U staat als zuster kritisch tegenover de Kerk. Wat zou u graag anders zien? Devos: «De Kerk heeft alle nadelen van een georganiseerde godsdienst. Ze is te institutioneel, te hiërarchisch, en ze staat buiten de maatschappij. Ze handhaaft zich binnen die structuur, en verliest het contact met de armen. Ze spreekt er nog wel over, maar dat is enkel theorie. Ik ben lid van een beweging, de Anawin, die eerder rechtvaardigheid vooropstelt. Wij vieren ook nog Kerstmis, maar dat is de ster van Bethlehem tegenover de vijf sterren hotels. Daarnaast ben ik lid van de Satya Shodak, een vrouwenbeweging die ijvert voor vrouwenrechten binnen de Kerk en de maatschappij.» Veto: Had u het dan beter gevonden dat er een andere paus verkozen werd? Devos: «Ik had het liever gehad dat de nieuwe paus uit een derdewereldland zou komen. Ik hoop ook dat we het christendom in Azië mogen vrijmaken van zijn Europese overheersing en symboliek.» Veto: Gelooft u eerder in pluralisme en openheid tussen de godsdiensten? Devos: «Ik geloof daar heel sterk in, zoals vroeger in de studentenbeweging en in mijn beweging nu, de NDWM. In de jaren zestig ben ik naar India gekomen met het idee ‘wij hebben dé waarheid’. Maar mijn waarheid is op dit moment ‘blijven zoeken, blijven groeien’. En in dat zoeken naar waarheid vullen de verschillende godsdiensten elkaar aan. Vanaf dat inzicht heb ik enorm veel eerbied gekregen voor de andere godsdiensten.» Solidariteit Veto: Wat vindt u van het huidige engagement? Devos: «Het individualisme loopt dood, er is een kentering in het kapitalisme. Ik droom vooral dat we in de globalisering van de economie er ook in slagen de solidariteit te globaliseren. Solidariteit is immers de enige kracht van de armen. Geld hebben ze niet, inspraak hebben ze niet, een stem krijgen ze niet. Nu willen mensen niet alleen geld geven. Ze vragen ook wat ze kunnen doen om te helpen, en dat is nog iets anders. Een hoopvolle evolutie.» Veto: U hebt een boek geschreven, In naam van alle kinderen. Hoe loopt het met de promotie daarvan? Devos: «De eerste druk is al uitverkocht, ik ben blij dat er zoveel belangstelling is. Ik hoop vooral dat het de lezer inspireert om zich zelf ook in te zetten. Veto: U bent ondertussen al 72 jaar oud. Waar haalt u de energie vandaan om zoveel te blijven doen? Devos: «Vooral het heen en weer reizen is vermoeiend. Maar ik sta elke dag op om 4u. Dan begin ik met meditatie, die me in contact brengt met mijn onderbewuste. Dat geeft trouwens meer rust dan slapen. Dan kan ik nog twee uur ongestoord werken om het dringende van de dag af te werken, zodat ik goed voorbereid ben voor rechtszaken. Daarna komen de kinderen binnen en heb ik ondertussen alles onder controle. Typisch westers (lacht).» Veto: Daarnet zei u ‘bij ons’ toen u vertelde over India. Waar bent u thuis? Devos: «Toen ik in de jaren zestig naar India trok, wou ik Indiër zijn met de Indiërs. Later besefte ik in alle eerlijkheid dat zoiets nooit zou lukken, wél om een andere Belg te zijn. Ik ben er ook geen vreemde, en ik voel me meer thuis in India dan hier.» |
|||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
goededoelen.be, GOEDE DOELEN, |
||||||||